Is Rehwinkel vleugellam?

Peter Rehwinkel stopt. Hij wil geen tweede termijn als burgemeester van Groningen, de gemeente waar hij aan het begin van zijn ambt nog over zei dat hij het stadhuis moet worden uitgedragen. Zijn boodschap toen: ik blijf tot mijn pensioen burgemeester van Groningen.

Dat gaat niet gebeuren. Ruim twee jaar voor zijn eerste termijn van zes jaar stopt de 48-jarige Rehwinkel (PvdA). De officiële reden is dat hij vindt dat – in het proces van herindeling – de stad en gemeente Groningen een ‘nieuwe burgemeester verdienen’. Twee jaar is een lange tijd om te overbruggen. Om autoriteit te behouden terwijl iedereen al weet dat je vertrekt.  Het is ook de vraag of de herindeling, dat duurt nog jaren en jaren, de echte reden voor zijn vertrek is.

Peter Rehwinkel staat er al geruime tijd niet goed op. Bestuurlijk wordt hij als een lichtgewicht bestempeld. En de grootste gemeente van Noord-Nederland heeft niets aan een bestuurlijk lichtgewicht. Dat is niet iets wat ik per se vind. Dat vinden bestuurders in het Noorden. Achter de rug van Rehwinkel om wordt hij bespot. Niet serieus meer genomen. En dat sijpelt door naar de rest van het land. Vanuit Den Haag komen bijvoorbeeld al een tijdje berichten binnen dat ze klaar zijn met Rehwinkel als burgemeester van Groningen. Let wel: ook vanuit zijn eigen PvdA-fractie. Ook raadsleden in Groningen laten – in de wandelgangen – hun ongenoegen wel eens blijken.

In juni 2011 werd in een profiel over Rehwinkel in Dagblad van het Noorden al geschetst dat Rehwinkel ’een verdiepingsslag’ moet maken.

Hij staat te boek als een benaderbare burgervader, maar niet als een sterke bestuurder.”

Ook wordt geschreven dat Rehwinkel tijdens de (tweede) sollicitatieronde tegenover negen raadsleden, de griffier, een wethouder en de gemeentesecretaris zit. Hij vraagt of ze even kunnen stoppen. Er wordt dieper ingegaan op de materie. De vragen zijn meer inhoudelijk dan bij het eerste gesprek.

Het is warm in het zaaltje, de zenuwen spelen op. Het gesprek loopt niet lekker. Peter Rehwinkel krijgt het benauwd. Het mag nu niet mis gaan, niet nu hij er zo dichtbij is. Hij vraagt een time-out. De vertrouwenscommissie is verbaasd, maar hij mag even pauze nemen. Het brengt een deel van de commissie aan het twijfelen. Een burgemeester moet onder druk toch overeind blijven? In de ingewikkelde beraadslagingen over de kandidaten die volgen, krijgt Rehwinkel het voordeel van de twijfel; zo’n black-out, dat kan een keer gebeuren.

Rehwinkel kreeg na januari 2012 kritiek te verduren. Over zijn manier van aanpakken van het hoogwater in Groningen. Als voorzitter van de Veiligheidsregio Groningen zou hij slecht knopen doorhakken. Eindeloos willen vergaderen. Tot frustratie – en soms ergernis – van andere aanwezigen. Er stonden immers dijken op springen en honderden mensen werden geëvacueerd. Zijn ‘verschil van inzicht’ met PvdA-partijgenoot en inmiddels gedeputeerde Yvonne van Mastrigt sprak boekdelen.

Rehwinkel
Rehwinkel

Ook de ingezonden zogeheten Calimerobrief in de NRC zette kwaad bloed. Inhoudelijk was het een goede brief. Niets op aan te merken. Maar de timing was slecht. Veel beter had Rehwinkel even de Grote Markt van Groningen kunnen oversteken en tegen partijgenoot en Commissaris van de Koningin Max van den Berg kunnen zeggen: we moeten even wat bespreken. Hij zette onnodig het debat met de provincie Groningen weer op scherp. En de verhoudingen waren al niet best tussen gemeente en provincie Groningen. Die slechte verhoudingen werden – terecht of niet – onder meer op het conto van de burgervader van Groningen geschreven. Dat Rehwinkel een tweede termijn als burgemeester van de grootste gemeente van Noord-Nederland zou zijn gegund wordt dan al van allerlei kanten in twijfel getrokken.

Zelf zegt Rehwinkel geen enkel signaal te hebben gekregen dat een nieuwe tweede termijn van zes jaar sowieso een lastig verhaal zou worden. Of hij steekt zijn hoofd in het zand of hij heeft geen enkele (politieke) antenne. Dat laatste is amper voor te stellen. Als verslaggevers die signalen krijgen, dan de burgemeester ook. Daarbij liep hij jarenlang in Den Haag rond. Als Tweede Kamerlid en later als senator in de Eerste Kamer.

Slechts enkele uren nadat Rehwinkel de landelijke intocht van Sinterklaas aankondigde in Groningen, zaten ‘zijn’ wethouders bijvoorbeeld bij elkaar voor een beraad in Hotel de Ville in Groningen. In een informele bijeenkomst, waar de samenwerking met ‘hun’ burgemeester op de agenda stond.

Zestien dagen na deze wethoudersbijeenkomst kondigt Rehwinkel aan niet verder te gaan als burgemeester. Rond Rehwinkel zoemt die dag al rond dat ‘Sinterklaas vanavond een burgemeester komt ophalen’. Later zegt hij in de NRC – en na de hoogwatercrisis ook al in Dagblad van het Noorden – dat het burgemeesterschap hem (soms) zwaar valt. Zo zegt hij in de NRC:

Dit vak is een vierentwintiguursbaan. Er is altijd wel wat. Ik werk me uit de naad. Als dan ook alles wat je doet in het negatieve wordt getrokken, raakt dat je.”

Dat moet wel worden gezegd. Ook vanuit zijn eigen partij, de PvdA, werden de pijlen vaak op de burgemeester van Groningen gericht. Op een bepaald moment leek het wel alsof Rehwinkel helemaal niets goeds meer deed. Dat is natuurlijk niet zo. Meest bijzondere: er werd geen enkele moeite gedaan om de kritiek echt binnenskamers te houden. Het zorgde er wel voor dat de signalen, die hij zo zegt hij dus nooit kreeg, steeds sterker werden dat Rehwinkel nooit lang meer burgemeester zou kunnen blijven.

Hij maakt zijn termijn ‘in principe’ (die eindigt in 2015) wel vol, zegt hij. Ook daar wordt sterk aan getwijfeld. Het is uniek dat een burgemeester zo vroeg al meldt geen tweede termijn te willen. Hoogleraren Hans Engels en Douwe Jan Elzinga zeggen dat Rehwinkel direct gezag en status verliest door de aankondiging. Beide hoogleraren vermoeden dat Rehwinkel geen tweede termijn is gegund. Als dat zo is – en er is dus wel degelijk kritiek op de bestuurlijke capaciteiten van Rehwinkel – is het de vraag of Rehwinkel die twee jaar wel vol moet maken.

Het is alsof de baas op de afdeling zegt: ik vertrek pas over twee jaar, maar ik stop wel met dit werk. Ik wil iets anders.”

Dat is niet houdbaar. Niemand neemt zijn baas nooit meer zo serieus nemen als daarvoor. Je weet ook helemaal niet wat je nog wel tegen hem of haar moet zeggen en wat niet. Datzelfde geldt voor Rehwinkel. Zijn vroege aankondiging maakt hem vleugellam. De verwachting is dat hij binnenkort een nieuwe uitdaging heeft gevonden. Zelf ambieert Rehwinkel – na zijn eerste termijn – een functie buiten de politiek en het bestuur. Niemand zal verrast reageren als hij binnen nu en een half jaar aankondigt per direct nieuw werk te hebben gevonden. Een kans die hij niet kon laten liggen, zal het dan heten.